Als er gewaarwording is waarom moet die gewaarwording dan ergens in geplaatst worden? Kan die gewaarwording niet gewoonweg zijn wat die is, een gebeurtenis, zodra je zegt gebeurtenis in iets dat is daar naast de gebeurtenis een iets (bijvoorbeeld een ruimte) gecreëerd die er voorheen niet was, de gebeurtenis werd begeleid door niets anders dan zichzelf.

Wat betekent een gebeuren eigenlijk? Is het niet waarnemen van… als er waarnemen is zonder waarnemer, kan je dan nog spreken van waarnemen of moet het strikt genomen dan niets zijn?

Welk nut hebben woorden of gevoelens of ideeën eigenlijk als er niets is waarin die zaken aankomt? Logisch gezien is daarmee elk woord, gevoel of idee ook niets want dan klopt de vergelijking weer en wij hebben allen intuïtief die notie dat de zaken passend en in balans moeten zijn.

Toch is er dat gewaar zijn van dit alles, dit gewaar zijn noemen we bewustzijn. Bewust zijn is er omdat ik er ben, dit is weer zo’n paradox want we hebben eerder geconcludeerd dat er geen ik is. Toch is er dat gewaar zijn (we vallen in herhaling) want dat gewaar zijn is elk (bewust maar ook on-bewust) moment onmiddellijk een gegeven wat zich aan mij voordoet. Waarom komt er nu dan weer een mij bij? Op deze manier hebben we weer dualiteit gecreëerd. Leren inzien dat dit vraag-antwoord spel oneindig is betekent dat je het kan overstijgen, je stapt uit het spel van dualiteit wat zich in dat denken voordoet en je transcendeert het geheel. Op dat niveau is het denken verdwenen voor zo lang de aandacht verlegd is naar dit aanschouwen. Het spel wordt aanschouwd en er wordt niets van gevonden of mee gedaan.

Wanneer de kwebbeldoos weer aan het kwebbelen is, tegen wie kwebbelt die dan? Moet er iets zijn waartegen gekwebbeld moet worden? Het gekke is dat dit gekwebbel wel word waargenomen, maar die waarneming is zelf zonder oorzaak en daardoor ook zonder substantie. Omdat ze geen substantie heeft kan ze daarmee dus ook geen vorm hebben en is ze dus niet iets objectiefs, sterker nog; ze is niets!

Dus als die muppet of Mart Smeets in je hoofd praat in de vorm van commentaar of afkeer, of bewondering of wat dan ook, tegen wie praat die dan? Is praten of commentaar geven dan nog tot enig nut? Het lijkt wel een praten in zichzelf, een commentaar op het commentaar wat net zichzelf gegeven heeft. Hoe paradoxaal ook weer deze bewegingen!