Over de vraag: wie ben ik? Het antwoord lijkt aanvankelijk vanuit een eenvoudig of on-ontwikkeld standpunt heel eenvoudig. Wat ik ben is alles wat mij definieert. Voor een tijd lijkt dit afdoende (de meeste kinderen en adolescenten hebben dit idee, en er zijn ook bevolkingsgroepen waarbij een deel van de volwassenen deze mening is aangedaan. ) Maar voor veel mensen komt daar, naarmate je ouder word en meer inzichten krijgt, een toenemende mate van ongemak of niet-kloppendheid bij, en die stelt de vraag: is dat wel zo?

Ieder mens die enige ervaring heeft met meditatie of andere vormen van in zichzelf keren. (bijvoorbeeld de vorm van piek ervaring waarbij je een eenheidservaring hebt van alles wat er is) zal beamen dat er niet zoiets bestaat als een afzonderlijk ik. Er is niet zoiets als een ik als object of ding. Met die realisatie kom je tot de ontdekking dat alle afgeleiden van een afzonderlijk ik dus ook niet waar zijn. Er bestaat dus niet een doener of denker of een keuze.

Dus naarmate het inzicht in dit leven vordert komt de mens tot de ontdekking dat hij niet een individu is in de zin van dat hij of zij een afgescheiden wezen is wat volledig op zichzelf kan staan onafhankelijk van de wereld om zich heen. Het wordt juist steeds duidelijker dat er een onverbrekelijke verbondenheid is tussen mij en dat daarbuiten.

Wanneer je nog een stap verder bent in de ontwikkeling zal je tot de ontdekking komen dat je even wel een individu bent als ook een eenheid, Er ontstaat een besef dat er nooit zo iets als een afzonderlijk eenheid of afzonderlijke heelheit kan bestaan want ook dat zijn weer concepten met andere woorden bij het toenemen van het inzicht ontstaat er ook een besef dat de geest dat alles niet kan omvatten daar de geest denkt in termen van objecten oftewel dualiteit. In die zin is er voor de geest altijd minimaal twee of meer.

Tijdens deze transitiefase ontstaat ook het inzicht dat de werkelijkheid nooit gevangen kan worden en geestelijke zaken zoals objecten of concepten. Je komt tot het inzicht dat denken is als een echo. Een echo op iets wat onmiddellijk hier en nu is.

Dat is feitelijk wat je bent, maar dan niet in de vorm van een concept maar in de ‘vorm’ van weten dat dit niet te bevatten is in concept of object of wat dan ook.

Je ziet dus met de beperkingen die je hebt en maakt dan daarbij de fout dat ‘zien’ als realiteit te bestempelen.

De mens probeert zich telkens opnieuw te vangen in objecten, dus te vangen als objecten die uit een mentaal of fysiek substraat bestaan. Gaandeweg kom je tot het inzicht dat deze beweging oneindig is en de beweging zelf zal nooit een finaliteit in zichzelf hebben oftewel ze zal nooit de realiteit grijpen.

Tot het moment dat de mens tot het inzicht komt dat er niet één maar ontelbare gezichtspunten zijn op de werkelijkheid, zal een mens de wereld benaderen vanuit het idee dat zijn gezichtspunt het enige mogelijke gezichtspunt is en dus iedereen vanuit dat standpunt de wereld aanschouwt. Wanneer er nu iemand spreekwoordelijk uit de uit school klapt of iets heel anders verkondigt dan je gewend bent vanuit dit wereldbeeld kan er voor jou op dat moment maar één conclusie zijn: die persoon heeft de zin voor realiteit verloren.

Wat er werkelijk aan de hand is is dat jij jouw standpunt verward met realiteit. Er is nooit beweerd dat de realiteit maar een hoedanigheid kent. De realiteit is zo veelvormig als dat er vormen zijn.

Ken Wilber is een van eerste om spiritualiteit te mengen met filosofie en diverse stromingen uit de psychologie. In zijn boek Integrale wijsheid merkt hij op dat van oudsher de spirituele stromingen geestelijke toestanden heel goed en diep hebben weten uit te werken maar dat er pas recentelijk door de systematische bestudering van geestelijke en spirituele toestanden is ontdekt dat spiritualiteit ook een andere dimensie kent namelijk de structurele. Mensen benaderen de wereld (realiteit zo je wil) vanuit een sort spiritueel kader zoals bijvoorbeeld de wereld bezien vanuit het idee dat onverklaarbare zaken veroorzaakt worden door goden of andere mythische wezens. Pas door de studie van grote groepen mensen is er een beeld ontstaan van een opgaande lijn van geestelijke ontwikkeling welke mensen doorgaan. Dat wil niet zeggen dat iedereen alle dimensies doorloopt want dit doorlopen is een collectief gedragen ‘ding’. Afhankelijk van je eigenschappen en openheid voor indrukken kan er een opening ontstaan om een soort kwantum sprong te maken van bijvoorbeeld het mythische wereldbeeld naar rationele (en zo zijn er nog een aantal andere wereldbeelden)

Dus afhankelijk van het werelbeeld wat je hebt word de realiteit vorm gegeven of gekleurd. Wees bewust van deze invloed.