Vrijwel alle menselijke handelingen worden gedreven door motieven of strategieën. Al die zaken zijn mentaal van aard.

Bepaalde motieven zijn weliswaar mentaal van aard maar hebben hun oorsprong in de fysieke manifestatie zoals de drang tot overleven. De fysieke manifestatie (ons lichaam) is geheel gericht op leven en overleven en om dat te bewerkstelligen is het systeem uitgerust met eigenschappen welke dit overleven ondersteunen.

Vanuit deze overlevings-mechanismen (drijfveren), ontstaan door reflectie (vanuit de waarneming en het denken daarover) mentale mechanismen zoals angst en verlangen welke een cruciale rol spelen in ons hele bestaan. Vanuit angst ontstaan talloze mentale constructies waarover in de psychologie en psychiatrie talloze boeken vol zijn beschreven maar wat het belangrijkste aan dit aspect is, is dat angst ons lichaam aanzet tot zaken waarover het mentale domein geen zeggenschap heeft. Wel kan het mentale domein hierover reflecteren en van daar uit verhalen creëeren welke ter verklaring en geruststelling dienen voor het organisme. Hetzelfde geldt voor verlangen welke de andere kant van de spreekwoordelijke medaille is van angst.

Naast angst en verlangen zijn er nog enkele andere belangrijke mechnismen in ons organisme actief te weten: behoefte aan eenwording met de bron (de bron is DE bron waaruit alle leven voortkomt, vaak wordt dit God of Liefde of het Absolute genoemd maar er zijn talloze andere namen voor), behoefte aan veiligheid en acceptatie en nog een paar andere zijn er ook zo welke allemaal zijn onderzocht door Abraham Maslow en anderen.

Uiteindelijk kunnen al deze mechanismen worden teruggeleid naar een centraal idee wat elke mens in meerdere- of mindere mate bezig houd: ‘het gevoel alleen te staan’. Dit gevoel is een gevolg van een idee wat vrijwel elk mens heeft dat ze een losstaand deel of fragment is van het grote geheel. Deze vorm van zelf-gewaarzijn is een natuurlijk gevolg van de ene basis drijfveer: drang naar overleven.

Om reden van het voortbestaan van dit ‘lichamelijk in de wereld zijn’ is elk levend wezen uitgerust met deze mechanismen maar bij de mens, welke is ‘overequipped’ met het denkvermogen, is deze notie van een afgescheiden lichaam en het individueel bestaan in een zekere zin doorgeslagen naar het idee een afgescheiden wezen te zijn welke de oorzaak is van het ontstaan van eerder beschreven angsten en behoeften in het mentale domein (ik onderscheid dus een fysieke en mentale component waarbij de fysieke component het werkzame deel is van het mechanisme.)

Vanuit deze angsten en behoeften ontstaan waarde systemen welke de mens dienen in het ordenen en begrijpen van de leefomgeving. Een waarde is een relatief begrip en ze is dus altijd een verhouding van twee of meer onderscheiden zaken in de leefomgeving. Het begrip waarde heeft een bepaald waargenomen nut in de zin dat het de mens helpt om overwogen keuzes te maken. Waarde zegt ook iets over de bereikbaarheid van hetgeen gewaardeerd word.

De waarde van een item word onder meer bepaald door de esthetische aantrekkeijkheid van het item en de wil om dat item te bezitten, daarnaast zal de gewildheid van het item door een ander ook van invloed zijn in de bepaling van de waarde van het item.

Bottom line is dat waarde een mentale constructie is welke de mens helpt om practische keuzes te maken.

Over de benoemde mechanismen: als eerste zijn het precies dat: mechanismen, oftewel geautomatiseerde bewegingen welke volgen op een trigger of stimulus. Het zijn dus bewegingen die inherent zijn aan het bestaan en daarmee dan ook niet met denken of willen (wat weer een speciale manier van denken is) weg te halen zijn uit dat bestaan. Het zijn gegevens net als dat het leven zelf een gegeven is. Daarvan ga je ook niet zeggen: ik wil dat niet, of dat mag er niet zijn want dat is zojuist uit dat leven ontstaan!?

Wat betreft de reflectie of het denken over deze zaken: dat is iets wat gewoonweg ontstaat bij het gewaarzijn van deze bewegingen. Het gewaarzijn en het denken er over zijn op zichzelf eenvoudigweg wat ze zijn: een beweging, daar hoef je niets van te vinden. Maar hier komt het waarde systeem om de hoek kijken die vervolgens zegt: dit wil ik wel of vind ik mooier dan dat etc., en wanneer vanuit die gedachten verlangens ontstaan om dat te bezitten of macht over uit te oefenen dan ontstaan er problematische situaties.

Voor de duidelijkheid: de behoefte aan willen bezitten, macht uitoefenen op, enzovoorts zijn gerelateerd aan het idee een afgescheiden individu te zijn die in staat is zaken te bezitten en macht uit te kunnen voeren enzovoorts. Het idee is weliswaar te verklaren vanuit de vorm en haar overleven maar de beweging die vanuit het denken word gemaakt waarbij een link word gelegd tussen het gevoel te hebben dat… en daar mee te identificeren is een bron van ellende welke meestal uitmond in lijden.